Den Bommel
Ontstaan van het dorp
De geschiedenis van Den Bommel gaat terug tot 1481, toen de heerlijkheid Sint Adolfsland tot stand kwam. Hiertoe behoorde ook het gebied van Ooltgensplaat. Voor dat jaar werden de door kades omringde gorzen al gebruikt om uit het veen turf en zout te winnen. In 1526 is het gebied ter bedijking uitgegeven, hetgeen vier jaar later zijn beslag kreeg. Aan de noordrand van de polder, aan het Haringvliet, werd een uitwateringssluis gebouwd. Op die plaats ontstond het dorp Den Bommel.
![]() |
|
In de 18e eeuw waren scheepvaart en visserij op onder andere zalm en steur belangrijke bronnen van inkomsten. In de eeuwen daarna ging de landbouw een steeds grotere rol spelen. Den Bommel kreeg in 1647 een eigen kerk; burgerlijk behoorde de bevolking echter nog tot 1811 bij Ooltgensplaat. Vanaf dat jaar was Den Bommel een zelfstandige gemeente. Door de herindeling van de gemeenten in 1966 verloor het die zelfstandigheid weer. De dorpskerk is een zogenaamde zaalkerk en is een bezichtiging meer dan waard.
![]() |
|




